Markerwaard of Flevoberg, wat vindt de politiek?

mei 9, 2012 § Een reactie plaatsen

Markerwaard of Flevoberg, wat vindt de politiek eigenlijk, waar stoppen we straks onze belastingmiljarden in? De Markerwaard met meer landbouw en meer natuur OF de Flevoberg met meer sport en recreatie? Gezien de grote bedragen, die ermee gemoeid zijn, een prima vraagstelling voor een referendum samen met een paar andere politieke kwesties. Vlakke polder erbij of piek in de polder, that is the question? Allebei geven ze een hoop extra publiciteit in de wereld en zetten ze Nederland extra op de kaart met vakmanschap en lef  (meervoud=leven). Maar het idee kan ook gecombineerd worden met een vaste plek voor de Floriade en tevens een plek voor de Beestiade. Het laatste is een nieuwe, blijvende tentoonstelling ter promotie van de veehouderij voor een groot publiek. De nieuwe Markerhof wordt geboren of de oude Flevohof herleeft, maar dan als een grote, permanente Kom in de Kas (Floriade) en Stap in de Stal (Beestiade). Doorlopend voor burgers en toeristen, maar ook voor scholen, politici en ambtenaren.

Met sexy onderwijs en sexy opleidingen op MBO-niveau om mensen buiten de landbouw “warm” te maken voor een baan in de landbouw; daar zal het topteam Agro&Food zeker van dromen! Floriade en Beestiade tesamen voor een geweldige scholing/educatie voor onze land- en tuinbouw, natuurlijk gerund door de boeren en tuinders zelf. Markerwaard of Flevoberg maakt dan niet meer zoveel uit, als het geheel maar in het teken staat van echte voedselproductie en goed landschapsbeheer. De vraag is natuurlijk, waar halen we die miljarden vandaan in deze tijd van financiele crisis? Hoe groter de crisis, hoe meer innovaties tot stand komen, zegt men. Trendwatcher Bakas zegt niet voor niets dat voor echte veranderingen en innovaties een oorlog of een crisis nodig is. De (financiele) crisis is er nu al en de oorlog wordt hoogstwaarschijnlijk ook al via Internet gevoerd. Meer dan genoeg ingredienten voor echte veranderingen of baanbrekende innovaties. De Markerwaard of de Flevoberg als EEN groot kenniscentrum voor Agro&Food met wereldwijde uitstraling en met volop exportkansen! Voor vliegveld Schiphol om jaloers van te worden; misschien willen ze tegen die tijd wel van locatie ruilen en komen wij zelfs midden in de Randstad te zitten met onze Floriade en Beestiade. Politici, laat daarom nu van u horen, want het gaat straks om onze belastingmiljarden!

Advertenties

Kiezen partijen voor Markerwadden of toch voor Markerwaard?

mei 9, 2012 § Een reactie plaatsen

Markerwaard is de naam van een IJsselmeerpolder, die nooit is aangelegd. De Markerwaard moest een polder van 410 km2 groot worden en met een nieuwe Nationale Luchthaven naast Schiphol. In 2003 pas is “definitief” besloten de Markerwaard niet meer aan te leggen, nog geen 10 jaar geleden! Er was zelfs een actieve Vereniging Vrienden van de Markerwaaard, die pleitte voor inpoldering van het Markerweer. De nazaten van deze vereniging pleiten nog steeds voor, wat ze nu noemen,  semi-inpoldering van het Markerweer. Het zou goed zijn voor de discussie en de juiste feiten, wanneer deze vereniging met planologen en architecten weer actief naar buiten gaat treden.

De Markerwadden komt uit de koker van Natuurmonumenten; dankzij een droomgift van 15 miljoen euro begin dit jaar van de Nationale Postcode Loterij, kan Natuurmonumenten een begin maken met de aanleg van een zgn. “oermoeras” van 1000 hectare, wat uit kan groeien tot een groot vogelparadijs in het Markerweer. Dus van een grote, troebele bak met water en slib naar een uitgestrekt natuur- en recreatiegebied op termijn van maar liefst 10.000 tot 15.000 hectare (!). Om alle plannen voor natuur, recreatie, visstand en waterkwaliteit te verwezenlijken zijn op den duur honderden miljoenen euro’s nodig. Want Natuurmonumenten kan op termijn geen vogelreservaat realiseren, zonder dat er weer vissen in het Markerweer zwemmen.

De komende verkiezingstijd ben ik benieuwd naar de voor- en nadelen van beide opties, Markerwadden of Markerwaard? In beide gevallen gaat het om veel belastinggeld en grote consequenties voor Nederland als geheel, want wat willen we in de toekomst met ons land qua planologie? Het zijn afwegingen tussen natuur en landbouw, maar ook tussen natuur en woon- en werkgenot. Hoeveel ontwikkelingsruimte geven we ons land de komende jaren qua bevolking, wegennet, luchthaven, voedselproductie en ruimte voor nieuwe, groene industrie? Denk daarbij ook aan windenergie, teelt van eiwitrijke gewassen, energieboeren, poldersport, visvijvers en andere vormen van recreatie. We dienen letterlijk in ons Poldermodel te zoeken naar de juiste combinatie tussen natuur, landbouw, woonruimte en groene industrie? Genoeg vragen om een commissie van wijze mannen en vrouwen aan te stellen om misschien wel een referendum voor te bereiden over dit onderwerp. Want we hebben duurzaamheid en innovatie hoog op de (politieke) agenda’s staan; wat is er dan mooier om de eigen bevolking te raadplegen over dit dilemma? Met de nieuwe, social media kunnen we in ieder geval heel veel Nederlanders bereiken en een goed beeld krijgen van de voor- en nadelen van moerasvorming of semi-inpoldering. In beide gevallen gaat het om veel geld, om de toekomstige ontwikkelingsruimte en om het woon- en werkgenot van geheel Nederland!

Mest van afvalproduct naar waardevolle grondstof?

april 5, 2012 § 2 reacties

Mest van afvalproduct naar waardevolle grondstof is een interessante denkrichting bij het nieuwe mestbeleid. Het nieuwe mestbeleid gaat uit van 1)verplichte mestverwerking of mestexport 2)mestafzet geregeld via afzetcontracten en 3)aanpassing van mengvoeders, met name qua fosfaat. De productie van mineralenconcentraten of kunstmestvervangers staat volop in de belangstelling, maar het wettelijke EU-kader laat op zich wachten en daar zit juist een gevaar in. We zullen meer exportmogelijkheden voor onze mestproducten nodig hebben en vooral ook verstandig kijken naar waardevolle producten uit de mest zelf. Want wat wij van het nationale mestoverschot niet kunnen exporteren, zullen we buiten de landbouw moeten afzetten, zeker in combinatie met een groeiende melkveestapel richting 2015.  Zou er een kleiner mestoverschot komen in de intensieve veehouderij en juist een nieuw mestoverschot in de melkveehouderij ontstaan? Let op, het risico van gedwongen inkrimping van de veestapel blijft politiek bestaan, evenals het in stand houden van de (te dure) mestproductierechten!

Mest of digestaat als organische meststof en bodemverbeteraar blijft natuurlijk de allerbeste optie, zowel in het binnenland, als in het buitenland. Dit gaat straks ook gelden voor mineralenconcentraten, als kunstmestvervangers in de landbouw, hopelijk na goedkeuring door de EU. Maar we mogen wel blijven werken aan deze afzetmogelijkheden in de akkerbouw, tuinbouw en fruitteelt en vooral luisteren naar de wensen en eisen uit die sectoren, als het gaat om bemestingswaarde en werkingscoëfficiënt. Want de klant is koning en dat geldt zeker voor de afzet van mest en nog meer voor (nieuwe) mestproducten na mestscheiding of mestverwerking in de Benelux, Frankrijk en Duitsland. De markt voor mestkorrels kan zeker nog groeien; daarmee kunnen we mest of digestaat verder weg exporteren tegen betere marges in zakgoed of liever in bigbags. Maar ook met mest en mestproducten zullen we  duurzaam om moeten gaan; de droog- en transportkosten mogen we daarom niet onderschatten, voordat we met grootschalige productie van mestkorrels beginnen. Rundveemest blijft daarvoor favoriet, pluimveemest volgt op korte afstand, maar bij varkensmest worden soms vraagtekens geplaatst bij de afzetmogelijkheden van deze mestkorrels.

In het rapport “Markt voor Mest”, van het InnovatieNetwerk te Utrecht (mei 2011) worden daarom een aantal oplossingsrichtingen aangedragen om van mest of digestaat waardevolle grondstoffen te maken. het gaat hier om mest of mestproducten voor opwekking van bio-energie, voor gebruik als minerale meststoffen en voor productie van chemicaliën. Voor deze verschillende trajecten zijn natuurlijk wel extra investeringen nodig en vragen daarom eerst een goede marktonderbouwing. Voor het opwekken van bio-energie kan regionaal gebruik gemaakt worden van biogasinstallaties en van de restwarmte van electriciteitscentrales. Gedroogde mest, dikke fractie of digestaat, kan na een hygiënestap richting export of als bijstook dienen voor groene energie. Uit de mest zelf kan na verhitting fosfaat als kunstmestvervanger dienen (zgn. struviet) of kunnen er na fermentatie chemicaliën gewonnen worden, als cyanophycine, fumaarzuur en/of chitine, voor productie van verf, nylon, plastic en coatings. Ook eiwit, in de vorm van lysine, zou uit (verse) mest gewonnen kunnen worden. Dit vraagt natuurlijk wel opschaling van bestaande laboratoriumtechnieken en een hele goede, continue meststroom richting deze nieuwe procesinstallaties. Het genoemde rapport “Markt voor Mest” is terug te vinden op de website van het InnovatieNetwerk, http://www.innovatienetwerk.org, en bevat een aantal aanbevelingen om van mest een waardevolle grondstof te maken. De moeite waard om te lezen, misschien al tijdens het Paasweekend!

Voedselschaarste nu aanpakken met onze kennis!

maart 11, 2012 § 3 reacties

Rob de Wijk van het Haagse Centrum voor Strategische Studies (HCSS) kreeg in de Rode Hoed bijval van hoogleraar en ex-minister Cees Veerman. “Er is in geen enkel land een regime overeind gebleven, waar de mensen honger hebben”, zeker niet in een land waar corruptie en illegaliteit van betrokken regering hoogtij vieren. Jonge, hoogopgeleide mensen kunnen o.a. met social media een hele bevolkingsgroep mobiliseren. Egypte met zijn Arabische opstand is daar een sprekend voorbeeld van. In combinatie met hoge voedselprijzen en zelfs honger gaat de bevolking tot het uiterste om zo’n regime te verdrijven, met gevaar voor eigen leven en het leven van hun families. De voedselprijzen worden wereldwijd ook nog eens opgedreven door de stijgende vraag naar biobrandstoffen en door hogere grondstof- en energiekosten. Juist door combinatie van droogte, misoogsten en wanbestuur van regeringen wordt een deel van de wereld steeds instabieler, aldus Rob de Wijk. Voedselvoorziening, veiligheid en “geopolitiek” raken steeds meer verweven, met China en ook India als gangmakers. Het Westen ziet voedsel en grondstoffen nog steeds als economisch probleem, terwijl China en India nu al voedsel en grondstoffen als veiligheidsprobleem zien! Voor China geldt bijv. dat 22% van de wereldbevolking gevoed moet worden met 7% van de beschikbare landbouwgrond. De grotere vraag naar voedsel vanuit China blijkt niet door de productie bijgebeend te kunnen worden. Als China de voedselvoorziening niet zeker stelt op middellange termijn, ontstaan ook daar onlusten, die het regime kunnen bedreigen. Precies om die reden koopt China vooral in Afrika grote stukken land (zgn. “landgraps”). Cynisch is het, volgens Rob de Wijk, dat deze “landgraps” vooral in Ethiopie en Soedan plaatsvinden, waar vele mensen juist afhankelijk zijn van de voedselhulp van de VN.  Door klimaatverandering lijkt de grootste ellende voor de voedselproductie te ontstaan in het midden van Afrika. Door uitputting van de ondergrondse watervoorraden in het Midden-Oosten en India, maar ook door de intensieve landbouw in landen als China, wordt de situatie internationaal bekeken nog verergerd, aldus Rob de Wijk. Veel van deze landen hebben een zwak bestuur; deze landen zijn instabiel en staan nu al vaak voor een intern conflict. Voedsel is daarom voor sommige landen inderdaad al een veiligheidszaak geworden en wordt daarom onder “geopolitiek” geschaard. Landen als China laten hun buitenlandbeleid er al mede door bepalen en in sommige landen leidt de voedselproblematiek nu al tot onlusten of raken bepaalde bevolkingsgroepen op drift. Rob de Wijk stelt voor om deze negatieve effecten te verminderen door het Europese landbouwbeleid daarvoor strategisch in te zetten. Om zo probleemlanden van meer voedsel te voorzien, maar dan wel in ruil voor grondstoffen, energie of markttoegang. Een zware denktank vanuit Nederland zou deze gedachte zeker uit moeten werken voor evt.  aanpassing van het beleid in Brussel, want wij kennen (nog) geen honger en dus blijft het Europese regime nog wel een tijdje overeind! Laat ons nu de voedselschaarste, met name in Afrika, maar ook in China en India, structureel aanpakken met onze kennis als exportartikel van de  Nederlandse landbouw. Nu kan het nog vanwege economische redenen in ons buitenlandbeleid, straks moet het misschien wel om veiligheidsredenen?

Keuzemenu met Kerst: stoppen of doorgaan?

december 18, 2011 § 3 reacties

Stoppen of Doorgaan, zal de afweging zijn in diverse boeren- en tuindersgezinnen. Met name in de varkenshouderij en de glastuinbouw zal Kerst helaas met gemengde gevoelens gevierd worden. Maar troost u, met Stoppen worden er ook keuzes gemaakt en kan het voor u en uw gezin weer een nieuwe start betekenen. Om de pijn te verzachten moet een beeindigingsregeling als structuurmaatregel toch mogelijk zijn in de Benelux, maar dan wel gecombineerd met een goede sloopregeling voor  stal of kas. Want de verkoop van agrarische bedrijven blijft voorlopig moeilijk, ook al is het buurmansgrond! Potentiele kopers zijn afwachtend en banken zijn veel te kritisch qua financiering. Lage opbrenstprijzen, hoge inputkosten en daardoor al jarenlang onvoldoende rendementen nekken de intensieve veehouderij EN de intensieve tuinbouw in heel Europa. Maar vooral het vertrouwen op verbetering is ver te zoeken in de varkens- en tuinbouwsector en vertrouwen is nodig voor herstel van de internationale markten, zeker ten tijde van een financiele crisis. De financiele situatie in met name in de varkenshouderij en de glastuinbouw blijft daardoor zorgelijk de komende tijd. Er zijn nu al veel (gedwongen) stoppers en de verwachting is dat deze trend zich nog doorzet. Voor de gezinnen die voor de vraag van Stoppen of Doorgaan staan, is er een schrale troost. U staat er niet alleen voor; menige vertegenwoordiger of erfbetreder zal zich ook afvragen wat er in hun sector of bij hun bedrijf staat te gebeuren. Lage rendementen bij de boeren en tuinders zullen ook door moeten gaan werken bij het agrarische bedrijfsleven, ook bij de toeleveranciers van voeders en uitgangsmateriaal. ” Gedeelde smart, is halve smart”  of in het Engels  “A problem shared, is a problem halved”, zou ik welgemeend als Kerstgedachte mee willen geven. Nogmaals:  Stoppen is ook ondernemen, want door die keuze is er weer ruimte voor een nieuwe toekomst. En Doorgaan kon wel eens meer negativiteit en verdriet aan de keukentafel geven. Veel sterkte daarom met het kiezen van het juiste keuzemenu, maar bovenal een positieve en inspirerende Kerst toegewenst, namens http://www.boer-en-co.nl en @boerenlog .

OPKOOPREGELING is geen vies woord meer

oktober 26, 2011 § Een reactie plaatsen

Als ik de bladen van de afgelopen weken lees, is het woord OPKOOPREGELING geen vies woord meer. Als structuurmaatregel voor met name zeugenbedrijven is het juist een hele goede oplossing. De varkenssector moet daarin gezamenlijk optrekken om tot een goede beeindigingsregeling te komen voor zeugenbedrijven en dat kan heel goed samen met Belgie. Belgie heeft dezelfde problemen als in Nederland: te veel zeugenbedrijven, die nog moeten omschakelen naar groepshuisvesting en daar geen geld voor hebben. In Europees verband is het ook een hele goede structuurmaatregel om tot minder zeugen en daardoor tot betere prijzen te komen. Liever een warme sanering in de varkenssector, dan nog meer armoede en ellende aan de keukentafel. Niets doen en afwachten is geen optie.  Het bedrijf beeindigen, dus stoppen, is juist ook een keuze en kan voor sommige gezinnen een hele goede zijn. Duidelijkheid en kunnen beslissen in goede en slechte tijden siert de ondernemer en helpt zijn gezin. De diervoederbranche Nevedi en het PVV kunnen daarin gezamenlijk optrekken en de boerenorganisaties/vakbonden ondersteunen om tot een gezamenlijk fonds of regeling te komen. Lukt dit niet op Europees niveau, dan bestaat er altijd nog zoiets als de Benelux en kan er een beroep op betrokken banken gedaan worden. Want met hulp van deze banken is de Benelux de kraamkamer geworden van Europa en kunnen we met dezelfde banken voorkomen dat we met de varkenssector in een sterfhuisconstructie terechtkomen. Warme sanering oftewel planmatig stoppen biedt duidelijkheid voor betrokken varkenshouders, maar ook voor de periferie met toeleverend en verwerkend bedrijfsleven. Dus ook duidelijkheid voor de erfbetreders/adviseurs voor een juiste ondersteuning en advisering op de boerenbedrijven. En natuurlijk voor hun eigen toekomst, want voorspellingen van 50% minder varkensbedrijven en misschien wel 25% minder varkens, hakken erin en vragen juist ook om structuurmaatregelen voor betrokken bedrijfsleven. Op tijd werken aan alternatieven is het beste devies, maar dit vraagt wel inspiratie en lef, om tot innovatie te komen. Zowel in het binnenland, als in het buitenland willen we een gezonde bedrijfstak en liever geen gedwongen ontslagen. Niets doen en afwachten is dus GEEN optie !

Waar ben ik?

Je bekijkt artikelen getagd met economie voor Boerenlog.

%d bloggers liken dit: